De wet van Hardy-Weinberg is belangrijk in de biologie. Het is een manier om te bepalen hoe vaak bepaalde eigenschappen in een populatie voorkomen. Om je daar meer duidelijkheid over te geven, kan je in dit artikel alles lezen wat je moet weten.

Het onderscheid van Hardy-Weinberg

De wet van Hardy-Weinberg draait om een onderscheidt tussen allelenfrequentie en genotypefrequentie. Dit zijn de percentages van allelen en genotypes die in een populatie te vinden zijn. Er is een formule bij elk van deze zaken. Zo is te koppelen hoe deze percentages bij elkaar horen. De formule voor de allelenfrequentie is p+q= 1. Daarin staan p en q voor de verschillende allelen die in een bepaald gen voorkomen. Bedenk je dat p als dominant en q als recessief geldt. Heb je p en q, dan kan je ook de genotypefrequentie uitrekenen. Dan ga je ervan uit dat individuen op willekeurige basis paren. In dat geval is dan dus (p+q)2 = p2 + 2pq + q2 =1 × 1 = 1.

De verschillende soorten typen

De wet van Hardy-Weinberg heeft de frequentie van bepaalde genotypen in een populatie aan. Dat gaat om de homozygoot dominant (p2), de heterozygoot (2pq) en ook de homozygoot recessief (p2). Het is ook zo dat een dihybride kruising tussen twee heterozygoten een uitkomst geeft bij nakomelingen die neerkomt op 25% AA, 50% Aa en 25% aa. Het is wel belangrijk om te beseffen dat dit op zich niks met Hardy-Weinberg te maken heeft. Het gaat er alleen om waar om biologisch gezien p2 + 2pq + q2 volgt uit p+q. Dit is anders dan in de wiskunde.

De aannames bij Hardy-Weinberg

In de wet van Hardy-Weinberg worden wel de nodige aannames gemaakt. Zo moet de populatie oneindig groot zijn. Er is niet zoiets als natuurlijke selectie onder allel p of q. Bovendien paren de individuen geheel willekeurig, zonder seksuele selecte. Ook is er geen immigratie of emigratie en is er geen mutatie. Deze voorwaarden zijn vooral gebaseerd op het feit dat de beschreven processen ervoor zorgen dat de allelenfrequenties zullen veranderen. Wanneer dit daadwerkelijk zo is, dan is voorspellen met de wet van Hardy-Weinberg goed mogelijk. Dit betekent dat het in het Hardy-Weinberg equilibrium is. Evolutie speelt in deze populaties geen rol.

Andere belangrijke voorwaarden

Er zijn nog meer belangrijke voorwaarden voor de wet van Hardy-Weinberg. In de eerste plaats zijn de organismen diploïde en planten ze zich uitsluitend geslachtelijk voort. Er is een gelijke verdeling tussen de geslachten bij de allelen. Is bekend wat p, q P2 of q2 is? Dan kan je de andere waarden allemaal berekenen Heb je een populatie van 5000, en weet je wie bruine en blauwe ogen? Is het allel bruin dominant tegenover het allel blauw? En weet je dat 200 mensen blauwe ogen hebben? Dan kan je met deze populatie in Hardy-Weinberg equilibrium bepalen hoeveel mensen heterozygoot zijn.

Je weet dan 200 van de 500 homozygoot recessief, of q2, zijn. Daaruit kan je halen dan 200/5000= 0,04 = q2. De wortel √0,04 = 0,2.We weten dat de frequentie van q in deze populatie dus 0,2 ofwel 20 procent is. Om p te berekenen moet p+q = 1, dus 1-0,2 = 08 = p. Nu je de beide allelenfrequenties hebt, kan je daarmee verder. Je kunt p2 = 2pf = q2 = 0,82 = 2×0,8×0,2 = 0,22= 0,64 + 0,032 + 0,04 = 1 eruit halen. Dat betekent dat van de 5000 mensen in de populatie 32 procent ofwel 1600 mensen heterozygoot zijn.

Wil je altijd antwoord op al je vragen?

Op de app stel je direct je vraag, waarna een bijlesdocent je verder helpt. Zo wordt leren aangenamer en zullen je schoolprestaties binnen afzienbare tijd verbeteren.

Op zoek naar een ander onderwerp?